Geschiedenis

Geschiedenis van de Teckel

Land van herkomst : Duitsland.

Geschiedenis:
Andere benamingen van de hond: Dashond of Dachshund. Kortbenige honden zijn al zeer lang afgebeeld, zoals uit oude Egyptische, Griekse en Chinese kunst blijkt. Het zou een afstammeling zijn van de oudste Duitse Jachthondenrassen zoals de Bibarhund, of de Duitse Brak. Op illustraties uit de 13de eeuw zijn de directe voorouders van de teckel aan het werk bij de jacht op de das. Ze zullen sindsdien nog wat van type zijn veranderd, maar aan het feit dat teckels al eeuwen bestaat, twijfelt niemand. Misschien kwamen ze zelfs al in Romeinse tijd voor.

De teckel heet officieel Dashond. Dat verwijst naar zijn vroegere werk, het aanpakken van de das. Daarvoor heeft hij een uitstekende neus en een prima gehoor. Hij zocht de das ook op onder de grond, vandaar zijn korte benen. Dashonden zijn trouwens, als alle Duitse jachthonden, zeer veelzijdig. De Teckel heeft niet alleen een lange geschiedenis als werkhond. In de kynologie was hij al in de 19de eeuw populair. Er ontstonden allerlei clubs die waren gericht op de jacht, op werkproeven (waarbij bijvoorbeeld sporen worden uitgewerkt) en op tentoonstellingen.

In 1888 werd de Duitse rasvereniging opgericht voor de kortharige variëteit. In 1880 werd in Engeland de eerste rasstandaard opgesteld. Tegenwoordig kent men drie beharingvarianten: de kortharig, langharige en ruwharige.

De draadhaar (of ruwharige) ontstond uit kruisingen met de Dandie Dinmont Terriër en andere Terriërs. De Langharige door kruisingen van de Kortharige met de Cocker Spaniel en de Stoberhund ( een oude Duitse jachthond ). De Teckel verspreidde zich al snel en werd wereldwijd bovendien een gewaardeerde gezelschapshond.